Wat is geluid?
Uit onderzoek is bekend welke geluiden door bewoners als hinderlijk worden ervaren in de woning. Om hinder te vermijden, moeten deze geluiden voldoende onderdrukt worden. De volgende Belgische Normen geven de eisen die in dit verband gelden:
- NBN S01-400 (1977), ‘Akoestiek - Kriteria van de akoestische isolatie’: deze norm geeft de eisen voor de luchtgeluidisolatie en de contactgeluidisolatie tussen ruimten in woongebouwen, kantoorgebouwen, hospitalen en rusthuizen, en voor de luchtgeluidisolatie van de gevel.
- NBN S01-401 (1987), ‘Akoestiek - Grenswaarden van de geluidsniveaus om het gebrek aan komfort in de gebouwen te vermijden’: deze norm geeft maximale waarden voor geluid in woongebouwen, kantoorgebouwen, hospitalen en rusthuizen, veroorzaakt door installaties.
NBN S01-400-1 (2006), ‘Akoestische criteria voor woongebouwen’, is een ontwerp van norm die beide voorgaande normen vervangt, voor het deel woongebouwen. Deze nieuwe norm is volledig aangepast aan de Europese Normen, en stelt eisen die beter aansluiten bij de huidige verwachtingen inzake wooncomfort.
Wanneer het gaat om geluid van bewoners, zoals praten, lopen, muziek maken,…, dan stellen de normen geen eisen aan de geluidsniveaus die bij de buur doordringen. De normen stellen daarentegen eisen aan de geluidsisolatie van het gebouw: de isolatie van luchtgeluiden (praten, muziek,…), de isolatie van loopgeluiden, de isolatie van buitengeluiden door de gevel.
Wanneer het gaat het om verkeersgeluid of om geluid van technische installaties, dan stellen de normen wel eisen aan de geluidsniveaus die in de woning doordringen. Het gaat immers om meer constante, beter voorspelbare geluidbronnen.
Tenslotte zijn er eisen inzake de geluidsabsorptie in gemeenschappelijke verkeersruimten in woongebouwen: men wil hiermee overdreven lawaaierigheid en galm onderdrukken.
Samengevat stellen de normen eisen of grenswaarden inzake:
- de luchtgeluidsisolatie tussen ruimten;
- de contactgeluidsisolatie tussen ruimten;
- de luchtgeluidsisolatie van de gevel;
- het maximale geluidsniveau binnen, veroorzaakt door verkeer of door technische installatie;
- de geluidsabsorptie in ruimten.
De nadruk ligt op het weren van geluiden van buiten de woning. Binnen de woning zijn in beperkte mate eisen gesteld: lucht- en contactgeluidsisolatie tussen dag- en nachtruimten, installatiegeluid van sommige installaties binnen de woning (bijvoorbeeld dampkappen). Het niveau van de eisen is erop gericht dat het overgrote deel van de bevolking geen (grote) hinder ondervindt van geluid.
Dit betekent dat niet is gestreefd naar een volledig voorkomen van hinder, maar naar een beperking tot een aanvaardbaar niveau.
Op een aantal punten zorgen maatschappelijke ontwikkelingen voor een geleidelijke aanscherping van de eisen in de loop van de tijd. Te noemen valt onder meer:
- de onderlinge contacten tussen buren nemen af, waardoor acceptatie en sociale controle minder worden;
- flexibiliteit in werk- en rusttijden veroorzaken soms grote verschillen in leefpatronen tussen buren;
- een audio-installatie behoort tot de standaardapparatuur in een woning; in combinatie met de muzikale trend naar steeds meer lage tonen in de popmuziek kan de eis aan de luchtgeluidsisolatie de hinder niet altijd voorkomen.
Al bij al beïnvloedt de geluidsisolatie steeds meer de constructies van woningen en woongebouwen. Men kan stellen dat het nieuwe normontwerp NBN S01-400-1 (2006), ‘Akoestische criteria voor woongebouwen’ een behoorlijke tot goede bescherming geeft tegen geluidhinder.

Français